Gardenia, een negenkoppig gezelschap dat niet te beroerd is om zichzelf letterlijk in zijn hemd te zetten. Om te spelen met drama en kolder, met cultuur en kermesse. Omdat dat allemaal bij het leven, hun leven, hoort. Een all gay ‘out-cast’, met drie acteurs, één jonge danser en verder amateurs uit de travestiewereld: mannen tussen 58 en 68, van wie sommigen nu vrouw zijn, of halfvrouw. Met elk een levensverhaal waarbij dat van u en mij verbleekt. Want allen stammen ze uit de jaren dat gay zijntaboe was, laat staan transseksueel. Dat je je identiteit moest verbergen, of je moest uitleven in travestiebars, als ontspanning of ontsnapping. Enkelenzaten in de prostitutie, tot ze overstapten naar een gewone job, bijvoorbeeld als OCMW-bediende (“Een aanpassing? Kindje, prostitutie is ook sociale dienstverlening.”).
Er is kleine Andrea, 59, al 15 jaar vrouw. Ze wilde kleuterleidster worden, maar dat kon niet, indertijd, als jongen. Ze werkte bij de dienst gas en elektriciteit in Niel en was er schepen van Ruimtelijke Ordening en Feestelijkheden. De zoon van haar ex-man voedde ze mee op. “Voor Davidje ga ik graag terug naar huis, en voor mijn hondje.”
Rudy, 68, een beetje stug maar een gouden hart. Genteneer, altijd gespeeld in operettes en in de Minard bij Romain Deconinck, maar in het echte leven belastingcontroleur. Pas enkele jaren geleden durfde hij zich te outen als homo.
Gerrit, 66, met borstjes. En piemel. In zijn familie is hij nog steeds tante Sylvie, al kleedt hij zich intussen opnieuw als man. Wil nooit meer een relatie. “Ik heb dat geprobeerd, drie keer,” vertelt hij verlegen, “maar dat is niets voor mij.” (“Ze heeft een degout gekregen van mannen”, verklapt een acteur, “hoe mannen, als ze geil staan, alles neuken, met of zonder piemel.”)
Danilo, 57, die internationaal toerde met het Luikse travestiegezelschap Mama Rosa Show en tussendoor de kost verdiende als bediende, of klusjes- en onderhoudsman. De altijd goedgemutste Richard, die acteur wilde worden, maar van thuis een echt beroep moest studeren, en verpleger werd op de kinderkankerafdeling. En zo vaak kinderen in zijn armen zag sterven dat hij om zich weer op te laden in de bonte wereld van de travestie optrad als Marlene Dietrich. Hij is al jaren samen met zijn grote liefde, een Chinees (“Ik val niet eens op Chinezen. Maar het was een coup de foudre: in de supermarkt grepen we gelijktijdig naar een bloemkool. Onze handen raakten elkaar aan, en bam!”), maar woont toch apart zolang de zoon van zijn geliefde nog thuis woont. “Uit respect. Zijn familie zou dat niet begrijpen.” Allemaal mensen met hun tragedies en littekens, maar toch hoopvol en trots. Hoe ze op de bühne staan, is prachtig.